Bijdrage Koffeman verbod pels­dier­hou­derij Eerste Kamer


12 december 2012

Eerste Termijn:

Voorzitter, het debat over het beëindigen van de pelsdierfokkerij heeft een ruimere overgangstermijn in beslag genomen dan de meeste wetsvoorstellen die in dit huis behandeld worden. Al in 2002 was er het voornemen van minister Brinkhorst om een einde te maken aan het fokken van nertsen die de pech hebben over een fraaie vacht te beschikken nadat eerder al het fokken van chinchilla’s en vossen was verboden. Het eindeloze getreuzel rond het verbod op de pelsdierhouderij was één van de aanleidingen voor de oprichting van de Partij voor de Dieren. Vandaag hebben wij in dit huis opnieuw de kans een wetsvoorstel af te ronden dat aansluit bij de gevoelens van een ruime meerderheid van de bevolking en van de Tweede kamer die zich schaart achter de stelling dat het fokken en doden van ongedomesticeerde dieren louter voor hun vacht niet van deze tijd en moreel verwerpelijk is. Ik hoop daarom ten zeerste dat we vandaag voor eens en voor altijd een punt kunnen zetten achter dit langslepende en veelvuldig getraineerde dossier.

Het is teleurstellend dat het uitstel van executie van de wet het leven van zo’n 160 miljoen nertsen kostte. Uitstel dat kennelijk nodig was om via de twee Kamers van de Staten-Generaal een verbod te bewerkstelligen voor een onethische, milieuvervuilende en wrede sector waar al decennia lang geen enkel draagvlak meer voor is. Sinds de motie-Swildens c.s. door een Kamermeerderheid in 1999 werd aangenomen, is Nederland nog steeds in afwachting van een verbod. Keer op keer wist de lobby van slechts 200 bontfokkers tot nu toe te winnen van miljoenen Nederlanders die al meer dan twintig jaar willen dat die bedrijven stoppen met het vergassen en elektrocuteren van nertsen. Keer op keer liet de politiek zich voor de kar spannen van een kleine groep lobbyisten, met een enorme vertraging om tot dit verbod te komen tot gevolg. Tussentijds, zijn als doekje voor het bloeden welzijnsverbeteringen voorgesteld, die die naam eigenlijk nauwelijks mogen hebben. De Verordening Welzijnsnormen Nertsen, opgesteld in 2003, bevat als belangrijkste elementen uit het Plan van Aanpak de verplichting om per leefruimte minimaal één verrijkingsobject (een plankje of een PVC buisje) aan te bieden en een minimum oppervlakte eisen aan leefruimte en compartimenten. Nertsen zouden de gelegenheid krijgen om via een gangetje bij elkaar op bezoek te gaan, wat geen enkele oplossing biedt voor solitair levende dieren, essentiële welzijnsvereisten zoals zwemwater en aanzienlijke leefruimte kwamen niet eens aan de orde.
Wie stelt dat er al heel veel gedaan is om aan de welzijnsbezwaren tegemoet te komen, geeft daarmee blijk niet op de hoogte te zijn van het natuurlijk gedrag van nertsen en de wijze waarop stereotype gedrag te voorkomen is.

Voorzitter, de bontfokkerij is een uitwas van decadentie. Dezelfde decadentie die op dit moment onze aarde uitput. Er is geen enkele, geen enkele rechtvaardiging voor de bontproductie. Dát vindt de overgrote meerderheid van de Nederlanders. Weerloze, kwetsbare dieren worden uitgebuit. Deze levende wezens die de pech hebben een prachtige vacht te hebben, worden in Nederland nog steeds niet beschermd tegen onethisch handelen.

Het was tenhemelschreiend om te zien welke ontwikkelingen zich hebben voorgedaan in de sector. Het door de sector geeiste schadebedrag is in de afgelopen jaren met honderden miljoenen toegenomen. De Boerderij heeft daar een duidelijke verklaring voor. Ik citeer: “vanwege het toegenomen aantal moederdieren en bijbehorende stallen de laatste jaren. Daardoor zit er meer kapitaal in de sector en zullen de sloopkosten hoger zijn. Daarnaast is de waarde van het immateriële recht om nertsen te fokken, gezien de hoge winsten die worden geboekt, fors gestegen” We spreken hier niet over een nooddruftige sector die de dupe wordt van groeiend maatschappelijk besef over wat je dieren wel en niet kunt aandoen, maar van een sector die uiterst berekenend niet alleen geld belangrijker vindt dan het leven en welzijn van dieren, maar ook alles gedaan heeft om het uitstel; dat de politiek haar gegund heeft, te misbruiken voor verdere capaciteitsuitbreiding en daarmee te proberen meer publiek geld voor zichzelf op te eisen. Voorzitter, het moet als ondernemersrisico worden gezien als je je bezighoudt met een manier van ondernemen die op veel weerstand in de samenleving stuit. Je mag verwachten dat er op zeker moment consequenties worden verbonden aan die weerstand in de samenleving. Het is dus onredelijk en onbillijk om te stellen dat elke manier van ondernemen altijd tot achter de komma zou moeten worden gecompenseerd als de overheid er een streep door zet, met inachtneming van een redelijke overgangstermijn. Dat geldt zeker voor de nertsenfokkerij, waarover al decennialang een intensief maatschappelijk debat heeft plaatsgevonden. Niemand kan beweren dat hij niet heeft zien aankomen dat de bevolking het fokken van bont afwijst is en dat de volksvertegenwoordiging datzelfde doet, en dat er dus vroeg of laat een streep door zou worden gezet. In 2008 is de laatste vossenfokkerij in Nederland gesloten. Ook het fokken van chinchilla’s is al verboden. Een verbod op de nertsenfokkerij is de laatste stap op weg naar een compleet verbod op bontproductie in Nederland. Groot-Brittannië, Oostenrijk en Kroatië gingen ons voor. Als je als ondernemer je ogen hiervoor opzettelijk sluit dan is dat je eigen verantwoordelijkheid. Het zou niet passend zijn te zwichten voor de dreiging van schadeclaims, temeer daar de praktijk leert dat de schadeclaims toenemen met de lengte van het uitstel.

De PvdD betreurt het dat het zover gekomen is dat een sanering op korte termijn met een billijke schadeloosstelling, bewust is getraineerd. Een veelgehoord argument tegen het verbod is dat de nertsenfokkerij zich zal verplaatsen naar het buitenland. Maar voorzitter, zoals ons land ook haar eigen verantwoordelijkheid heeft genomen bij de afschaffing van kinderarbeid, zullen we dat ook doen bij het ongedaan maken van de uitbuiting van dieren: de rest van de wereld kijkt mee! In steeds meer Europese landen liggen initiatieven klaar voor fokverboden. Zij kijken verwachtingsvol naar Nederland De opgerekte overgangstermijn in de tweede novelle is ons een doorn in het oog. Dat betekent dat er nog meer dieren in een nog langere tussentijd de dood zullen vinden op een zeer wrede wijze. Het gaat nog 10 jaar duren voordat er een einde komt aan de barre omstandigheden waarin de nerts genoodzaakt is te leven. Wij vinden dat jammer, maar waarderen de pogingen van de indieners om het met een tweede novelle voor eens en voor altijd voor elkaar te krijgen dat de bontfokkerij in ons land tot een einde komt. De Partij voor de Dieren acht de niet-verplichte compensatie van sloopkosten, fiscale voorzieningen en de hardheidsclausule een ruimhartig en meer dan adequaat gebaar en meent dat deze voldoende zekerheid bieden voor de pelsdierhouders in Nederland, die al sinds 1999 een naderend verbod zagen aankomen, maar willens en wetens hebben uitgebreid. Die gok mag niet beloond worden, voorzitter, en mijn fractie wil daarom van de minister weten op welke wijze het kabinet bereid is mee te wegen dat er recente uitbreidingen gedaan zijn met het kennelijke oogmerk van het verhogen van de schadevergoeding. Is het kabinet per direct een verbod op verdere uitbrieding af te kondigen en kan de minister in elk geval toezeggen dat nieuwe uitbreidingen niet gecompenseerd zullen worden? Graag een reactie. De Partij voor de Dieren steunt het voorstel dat nu voorligt omdat het belangrijkste is dat het verbod op het fokken van dieren voor hun pels nu definitief van kracht wordt. In die zin voeren we hier een historisch debat, over een belangrijke mijlpaal in het totstandbrengen van erkenning van het recht van dieren om zonder gevoelens van angst, pijn en stress naar hun aard te kunnen leven. Dank u wel!

Tweede termijn:

Voorzitter, ik wil de initiatiefnemers en de minister heel hartelijk danken voor hun antwoorden in eerste termijn. Met name de minister komt een groot compliment toe dat hij zich in korte tijd zozeer het dossier eigen gemaakt heeft tijdens deze onverwachte waarneming.

Voorzitter, het debat van vandaag valt te duiden als een historische doorbraak. De discussie over het welzijn van dieren heeft vaak een lange aanloop nodig. In 1675 kwam het laten voorttrekken van karren door honden en rekels al ter discussie, en werd het op lokaal niveau een aantal malen verboden, maar tot een definitief landelijk verbod kwam het pas in het begin van de 19e eeuw. Ook het einde van de vossenfokkerij en de chinchillafokkerij vormden betekenisvolle doorbraken net als het voornemen van de nieuwe regering om niet langer toe te staan om wilde dieren in circussen te laten optreden. Het lijken kleine stapjes, maar we staan aan de vooravond van het verbinden van serieuze consequenties aan de morele blinde vlek die het gebrek aan dierenrechten zo lang heeft gevormd. Paul Cliteur heeft in 1995 gesteld dat hij verwachtte dat we binnen 50 jaar in schaamte zouden omkijken naar wat we dieren hebben aangedaan, en ik denk dat we daar niet eens 50 jaar voor nodig zullen hebben. Het debat van vandaag is een belangrijke stap in dat proces en ik wil de indieners van het wetsvoorstel daarvoor bedanken en mee complimenteren.

Samen moeten we in staat zijn tot het zetten van grote stappen op het gebied van dierenwelzijn, temeer daar de minister president al in 1999 gezegd heeft dat hij het stapelen van dieren in de bio-industrie verafschuwt en dat hij altijd aangesproken mocht worden op mogelijkheden om het welzijn van dieren te verbeteren. We zullen hem veelvuldig aan die belofte herinneren, net zoals we Diederik Samsom zullen blijven waarschuwen niet vast te lopen in de grindbak van de rauwe realiteit, en vast te houden aan de idealen uit z’n jeugd.
Voorzitter, natuurlijk heeft de discussie rond de nertsenfokkerij te lang geduurd, en natuurlijk is er sprake van een te lange overgangstermijn, maar het resultaat telt, als deze Kamer het wil zal er definitief een einde komen aan het fokken van dieren voor hun pels. Het irrationele en emotionele verlangen van sommige mensen om in de huid van een ander te willen kruipen, is niet meer van deze tijd. Net zomin als mensen in onze tijd nog 6 generaties in dezelfde dierenvellen blijven rondlopen, zoals collega Holdijk zich dat nog kan herinneren.

Voorzitter, de laatste weken is er in dit huis de gewoonte aan het ontstaan de Paus aan te roepen als autoriteit op tal van gebieden, en in dat kader is het misschien ook aardig om te horen wat de huidige Paus over de bio-industrie zegt. (ik citeer)Het benutten van dieren op industriële wijze zoals het dwangvoederen van ganzen zodat ze een leververvetting krijgen voor de productie van foie gras of kippen die zo dicht opeengepakt leven dat ze karikaturen van vogels worden, acht Benedictus een degradatie van levende wezens tot dingen. Benedictus meent dat dat in strijd is met de verantwoordelijkheid tussen schepselen onderling zoals de Bijbel die leert.
Ook daar zit beweging, voorzitter, hoewel de Paus nog wel bekritiseerd wordt door dierenbeschermers om het dragen van een bontmuts, die straks overigens niet meer uit Nederland zal komen.

Voorzitter, ten aanzien van de overgangsregeling naar het pelsdierfokverbod wil ik graag aan de minister vragen hoe hij de termijn ziet die nodig is voor het maken van de AMVB rond de sloopregeling. Is de minister bereid toe te zeggen tussen de inwerkingtreding van de wet en het finaliseren van de AMvB een moratorium in te stellen op elke vorm van uitbreiding van bestaande nertsenfokkerijen, zodat we niet afhankelijk zijn van aannames, maar zeker kunnen weten dat elke uitbreiding gestopt zal worden? Graag een reactie.
Voorzitter, tenslotte, sommige volksvertegenwoordigers kijken nog met gemengde gevoelens naar het respecteren van de belangen van dieren.
Hoewel koning Salomo al opmerkte dat een rechtvaardige goed voor zijn vee zorgt, vindt dat advies nog lang niet overal navolging, ook niet in kringen waar de visie van Salomo op tal van andere punten wel gedeeld wordt. Maar ook wat dat betreft is er niets nieuws onder de zon.

Het boek van feministe Mary Wollstonecraft over vrouwenrechten “Vindication of the rights of Women” werd geparodieerd door filosoof Thomas Taylor uit Cambridge met zijn boek “Vindication of the rights of Brutes” (brutes= beesten). Hij stelde dat als vrouwen vrijheden of rechten zouden krijgen, je logischerwijs ook dieren rechten zou moeten geven. Vrouwen hadden immers net als dieren ook geen ziel? En omdat het bespottelijk zou zijn zielloze wezens rechten te geven, stond het buiten kijf dat je rechten voor vrouwen helemaal niet zou moeten willen! Ook in het Britse Lagerhuis speelden dezelfde gevoelens toen bij de behandeling van een wet voor vrouwenkiesrecht gesteld werd: “maar als we vrouwen nu rechten gaan geven, wat is dan de volgende stap? Koeien? Paarden? Ezels? Geiten?” Het homerische gelach in de zaal en vanaf de tribune maakte al meteen duidelijke welke sekse de zaal domineerde, in alle opzichten.
Toch, voorzitter, hebben vrouwen rechten gekregen. En voor dieren hebben we vandaag een belangrijke vervolgstap gezet in dezelfde richting! Dank u wel.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer